apache

Straatintimidatie door militairen: veiligheid is geen zero-sum game

Original article Version 1 → 2
Content changed
Download image

Changes

Debat Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Soldaten van het Belgische leger waren meer dan zes jaar aanwezig in Antwerpen. Verschillende jonge vrouwen dienden klacht in bij de politie na straatintimidatie door de militairen. (© Nicolas Maeterlinck (Belga)) Het nieuws dat er in Antwerpen opnieuw militairen ingezet zullen worden haalde een herinnering naar boven aan de engste straatintimidatie die ik ooit meemaakte: die door twee tot de tanden bewapende mannen die op patrouille waren in de Joodse buurt. Zolang we veiligheid zien als een opbod, of als een taart waarbij meer voor de een minder voor de andere betekent, gaan we er enkel op achteruit. Op 31 mei 2015 fietste ik door de Lange van Ruusbroecstraat in Antwerpen onderweg naar de bibliotheek. Het was weekend en het regende. Op een bepaald moment hoorde ik een man naar me roepen. Toen ik omkeek zag ik dat het een van de militairen was die sinds januari 2015 in de wijk opgesteld stonden in het kader van de terreurdreiging, in dit geval naast de Joodse school. Ik ging ervan uit dat ik me vergiste − waarom zou die man mij in godsnaam naroepen − en fietste verder. De man riep mij nog eens na − “hey” − en ik stopte. Hij kwam op mij afgewandeld met een andere militair. Iedereen die straatintimidatie heeft meegemaakt weet dat het geen poging is om contact te maken, maar om macht uit te oefenen via angst en vernedering Ze waren piepjong, een pak jonger dan ik toen − 21? Ze grijnsden alle twee. “Alles goed?” vroeg eentje. Ik staarde naar de machinegeweren die ze met beide handen vasthielden. Ik snapte niet wat er gebeurde. Ik wist hoe straatintimidatie werkt. Iedereen die het heeft meegemaakt (91% van meisjes en 28% van jongens) weet dat het geen poging is om contact te maken, maar om macht uit te oefenen via angst en vernedering. Mensen die het meemaken moeten een inschatting maken op welke manier ze reageren, ermee rekening houdend dat hun veiligheid in gedrang gebracht wordt. Verzet ik mij, reageer ik, of is het veiliger om niets te doen, of zelfs gewoon het spel mee te spelen? “Ja”, antwoordde ik. De militairen gingen verder met lachen. Ze lachten mij uit. Ik besloot te vertrekken en verder te fietsen. Toen ik opnieuw op de fiets zat, herinner ik me, was ik bang om in mijn rug geschoten te worden. Ik diende klacht in bij Defensie en kreeg volgende reactie: Onbegrip en onveiligheid Ik reed rechtstreeks van de Lange van Ruusbroecstraat naar het politiekantoor op de Oudaan, vastberaden om klacht in te dienen bij de politie. De agent die mij daar te woord stond, kan ik met mijn hand op het hart de ergste soort male chauvinist noemen. Hij identificeerde mij en zuchtte toen hij zag dat ik al eens administratief aangehouden was tijdens een protestactie – volgens hem ging er na een tijd niemand mij nog geloven. Hij snapte niet wat het probleem was met het gedrag van de militairen − ze stonden er toch voor onze veiligheid? En vroeger floten de werkmannen ook al eens naar de maskes − stel je voor dat die elke keer een klacht aan hun been hadden gekregen. Ik nam het gesprek op met mijn Iphone en diende klacht in via de ombudsdienst van Stad Antwerpen. Ik kreeg de volgende reactie: Door het verhaal te delen met vrienden en collega’s ontdekte ik dat ik niet de enige was die straatintimidatie had meegemaakt door militairen. Van meisjes uit de Marokkaanse gemeenschap in Zurenborg hoorde ik dat zij net als ik staande werden gehouden en intimiderend werden ondervraagd door de militairen. Ook zij hadden klacht ingediend bij de politie, maar hadden, in tegenstelling tot ikzelf, geen excuses gekregen maar net verwijten. Even leefde er het idee om onze verhalen te delen met de pers, maar de jonge vrouwen uit Zurenborg zagen dat uiteindelijk niet zitten, uit angst voor repercussies. Gebrek aan politieke moed Nu, meer dan tien jaar later, wordt in de regering opnieuw besloten dat er militairen moeten komen in Antwerpen om de Joodse gemeenschap te beschermen. De discussie die daarover gevoerd wordt, gaat al lang niet meer over het algemeen belang en of militairen wel geschikt zijn voor patrouille-opdrachten, maar over de koehandel binnen de regering, waarbij het achterhouden van de militairen blijkbaar de enige manier is om het dossier van de grondslapers erdoor te krijgen . Het achterhouden van de militairen is blijkbaar de enige manier om het dossier van de grondslapers erdoor te krijgen Ik denk aan de angst die ik en andere jonge vrouwen meemaakten door de aanwezigheid van de militairen. Ze bleven uiteindelijk bijna meer dan zes jaar op post, en ik voelde angst en boosheid elke keer ik ze op straat tegenkwam. Ik kan mij ook heel levendig − en lijfelijk − de angst voorstellen van Joodse Antwerpenaren, die de afgelopen maanden en jaren steeds meer slachtoffer werden van agressieve straatintimidatie, enkel en alleen omdat ze Joods zijn. Dat die dreiging gestegen is, is geen verzinsel van zionistische lobbygroepen maar een reëel en onaanvaardbaar probleem. Iedereen heeft, net als ik, het recht om veilig en waardig over straat te lopen. Net daarom ben ik zo teleurgesteld in het veiligheidsbeleid dat opnieuw en opnieuw uitgerold wordt in Antwerpen, waarbij de veiligheid van één groep ten koste gaat van de veiligheid van andere groepen: vrouwen, maar ook jonge mannen, mensen die gepercipieerd worden als moslim en in het bijzonder zij die zich op het kruispunt daarvan begeven. In Antwerpen wordt gedaan alsof veiligheid een taart is: meer voor de een betekent minder voor de ander. Dat maakt werken aan echte verbinding onmogelijk. In plaats daarvan zijn moeilijke gesprekken nodig over de rechten en waardigheid van iedereen in onze stad. De moed die daarvoor nodig is ontbreekt momenteel bij de mannen − en vrouwen − die aan de knoppen zitten van ons veiligheidsbeleid. Nina Henkens studeerde af als sociologePieter Beck 20-03-2026 Boudry en onderzoeksjournalist en werkte verschillende jaren als beleidsmedewerker rond kinderen en jongerenDuyck verraden eigen principes in maatschappelijk kwetsbare situatiesverdediging ‘rassenrealist’ Maarten Boudry en Wouter Duyck breken een lans voor de pseudowetenschapper Nathan Cofnas. Ze is algemeen coördinator Koen Smets 18-03-2026 Waarom we sommige wetten naleven zonder dwang, maar andere niet Wat vertelt het gebrek aan handhaving van Kif Kifhet internationaal recht? Koen Smets 10-03-2026 Wie de wanneer-vraag beantwoordt, wint aan overtuigingskracht Eén simpele vraag legt de kracht van onze redenering bloot. LEES OOK