Boudry en Duyck verraden eigen principes in verdediging ‘rassenrealist’
Content changed
Changes
De bibliotheek van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte van Universiteit Gent. (© Christophe Vander Eecken (UGent))
Criticus van de pseudowetenschap Maarten Boudry en cognitief psycholoog Wouter Duyck nemen − voorspelbaar, maar daardoor niet minder bedenkelijk − de handschoen op voor ‘rassenrealist’ Nathan Cofnas. Die laatste mag zonder weerwerk in Terzake verkondigen dat “de mensen die het wel weten, de experts” in hem geen racistische pseudowetenschapper zien. De relevante experten vertellen een ander verhaal.
In de open mail aan de rector (ondertekend door meer dan vierhonderd UGent’ers) geven we een lijst van uitspraken van Nathan Cofnas die volgens ons een schending inhouden van de deontologische code. We vragen dat de UGent haar eigen regels volgt. Het gaat om uitspraken als: “Er moeten bepaalde barrières opgeworpen worden tussen de rassen, zodat elk ras haar eigen essentie kan uitdrukken”, “Beleidsmakers zouden rekening moeten houden met het effect dat hun beleid heeft op de raciale samenstelling van de samenleving” en “In een ware meritocratie zullen zwarten verdwijnen uit bijna alle hoge functies, behalve sport en entertainment”.
Nathan Cofnas “ondersteunt” zijn racistische uitspraken met het werk van pseudowetenschappers
De deontologische code is duidelijk: “Je verspreidt geen denkbeelden over de superioriteit van een ras” en “Je zet niet aan tot segregatie tegen anderen”. Indien Maarten Boudry de open mail aan de rector onterecht vindt, is het aan hem om uit te leggen waarom deze uitspraken geen schending vormen van de code.
Cofnas doet zelf geen onderzoek naar populatieverschillen en IQ. Wat hij wel doet is zijn racistische uitspraken “ondersteunen” met het werk van pseudowetenschappers. Zo verwijst hij naar American Renaissance als “een belangrijke bron voor kwaliteitsdiscussies over ras”. American Renaissance is een notoir white supremacist tijdschrift, geen academische publicatie. De ideeën waar Cofnas zich op baseert (zowel wat betreft ras als IQ) werden veelvuldig bekritiseerd door zowel genetici als psychologen. Het zijn dus niet “wij, filosofen” die beslissen dat dit pseudowetenschap is. Wij stellen vast dat relevante experten dit doen. Zo zijn er in het verleden statements geweest van The American Society of Human Genetics (verder ondersteund door de European Society of Human Genetics), de Behavioral Genetics Association en van verschillende individuele psychologen en genetici.
Misbruik van onderzoek
Het is vreemd dat Wouter Duyck het hier niet mee eens is. In zijn boek Mijn kind, slim kind bekritiseert Duyck het werk The Bell Curve van Charles Murray en Richard Herrnstein . Duyck schrijft: “Het boek deed dus precies wat ik net veroordeel: het misbruik van onderzoek naar individuele verschillen voor uitspraken over groepen. Het boek was zeer schadelijk voor het intelligentieonderzoek, het werd gerecupereerd door racisten.” In de blogpost van Cofnas waaruit de hierboven geciteerde uitspraken kwamen, verwijst Cofnas naar Murray als een onderzoeker die hij respecteert. Tegelijkertijd is Murray volgens hem nog te voorzichtig in zijn uitspraken over ras. En als er één ding is dat Cofnas doet, dan is het wel uitspraken doen over groepen en onderzoek recupereren voor racistische doeleinden.
Cofnas is zelf expliciet over de verdere pseudowetenschappelijke inspiraties voor zijn ideeën over ras en IQ: mensen als Emil Kirkegaard , Edward Dutton , Richard Lynn en Michael Woodley . Kirkegaard richtte een eigen pseudowetenschappelijke tijdschrift op (OpenPsych) en zijn organisatie beheert nu ook een ander pseudowetenschappelijk tijdschrift (Mankind Quarterly) waar Dutton in de redactieraad zit. Elders besprak ik al waarom het werk van deze personen terecht wordt weggezet als pseudowetenschap . Ook hier een uitnodiging aan Maarten Boudry en Wouter Duyck om te reageren: nemen zij het werk van deze personen wel serieus? En waarom stelt Duyck hier niet dat het gaat om recuperatie van slecht onderzoek voor racistische doeleinden?
Problematische peilingen
Nog opvallender is dat zowel Boudry als Duyck verwijzen naar het werk van andere aanhangers van pseudowetenschappelijke rassentheorieën in hun verdediging van Cofnas. In Terzake zien we Duyck verwijzen naar een opiniepeiling uitgevoerd door Heiner Rindermann , die onderzoekt wat de opvattingen zijn van experten over onderwerpen als de erfelijkheid van IQ en de mate waarin IQ-verschillen tussen witte en zwarte mensen moeten verklaard worden door genetische factoren. Ook Boudry verwijst meermaals naar de peiling, op sociale media en in opiniestukken .
Rindermann is betrokken bij de hierboven vermelde Open Psych en Mankind Quarterly. Over eerdere, gelijkaardige peilingen van hem schreven drie toonaangevende psychologen : “The studies... report that only about 5% of people who were invited to participate responded to any one set of items. Given this very low response rate, along with the potential for bias in which scientists were invited in the first place, we doubt that these results are an accurate representation of the field. ”
Turkheimer vraagt zich af waarom iemand zo’n foute statistische kronkels zou presenteren in een artikel: “The answer is, you would do it because you are a pseudoscientist”
In het artikel waarnaar Maarten Boudry en Wouter Duyck verwijzen wordt uitgelegd dat Rindermann (en collega’s) zélf uitnodigingen uitstuurden naar individuele onderzoekers om de peiling in te vullen. Om een idee te geven van de invloed die dit mogelijks heeft: in het artikel wordt er gesproken over blogs die de “experten” zouden beschouwen als “betrouwbaar”: “Only two media outlets received positive ratings, the blogs of Steve Sailer [...] and Anatoly Karlin [...] Unfortunately, the survey did not considerJamesconsider James Thompson 's blog Psychological Comments [...] All three blogs are currently hosted by The Unz Review.” The Unz Review is een racistische website die regelmatig antisemitische complottheorieën verspreidt.
Rindermanns werk werd meermaals bekritiseerd door experten wegens zware methodologische fouten. Een van zijn artikels werd achteraf terug ingetrokken omdat hij reisanekdotes gebruikte om uitspraken te doen over de intelligentie van mensen in “ontwikkelingslanden”. Ook een ander artikel van Rindermann werd compleet afgebroken door psychologen Eric Turkheimer en K. Paige Harden . Turkheimer ging op zijn persoonlijke website nog verder in op de zware statistische fouten die Rindermann maakte. Turkheimer vraagt zich af waarom iemand zo’n foute statistische kronkels zou presenteren in een artikel en concludeert dat dit erop wijst dat Rinderman aan pseudowetenschap doet: “The answer is, you would do it because you are a pseudoscientist. Pseudoscience is the meaningless manipulation of data in the service of an ideological goal.”
Academische vrijheid
Ook op Cofnas’ werk zelf kwam kritiek. In 2020 al schreef een groep academici een collectieve kritiek op de beslissing om een paper van Cofnas te publiceren. Een van de ondertekenaars was Massimo Pigliucci . Die heeft doctoraten in de genetica en evolutionaire biologie en doet ook wetenschapsfilosofisch onderzoek. Hij schreef ook samen met Maarten Boudry een boek over pseudowetenschap. In verschillende schrijfsels verwijt Boudry de ondertekenaars van de open brief geen expertise te hebben over het onderwerp. Zou hij collega Pigliucci ook onder die noemer plaatsen?
Toen Harry Pettit niet werd aangenomen aan de VUB op basis van diens X-posts was Boudry verheugd
Boudry zal zich misschien beroepen op een absoluut principe van academische vrijheid. In het verleden schreef hij nochtans zelf : “theologie hoort net zo min thuis aan een wetenschappelijke instelling als pakweg astrologie, alchemie of acupunctuur” en “Duizend bloemen mogen bloeien, maar daarom nog niet op een universiteitscampus.” Toen Harry Pettit niet werd aangenomen aan de VUB op basis van diens X-posts was Boudry verheugd . Ook hier kan Boudry zich niet blijven verschuilen achter algemene principes en is het dus aan hem om uit te leggen waarom de concrete kritiek op Cofnas volgens hem onterecht is.
Bovendien: het verdedigen van de academische vrijheid van Cofnas hoeft niet noodzakelijk samen te hangen met het zaaien van verwarring over het pseudowetenschappelijke karakter van zijn opvattingen. Dat bewijst statistisch geneticus Alexander (Sasha) Gusev . Die is een actief criticus van racistische pseudowetenschap, verdedigt de academische vrijheid van Cofnas, maar weigert zijn oordeel over het werk van Cofnas te milderen: “Cofnas shouldn't be fired (and it appears he will not be). Cofnas is a deeply unoriginal thinker and a sloppy researcher; his recruitment is an embarrassment. But once hired, he has a right to academic freedom of expression.” En ook: “I will defend the principle of academic freedom and also point out that the academic is a hack.”
In Terzake zei Nathan Cofnas: “De mensen die het wel weten, de experts, zijn niet degenen die zeggen dat ik een racistische pseudowetenschapper ben.” Het is onbegrijpelijk dat de journalisten van Terzake dit lieten passeren zonder dit kritisch te bevragen. De tekst hierboven maakt hopelijk duidelijk waarom de journalisten van VRT de bluf van Cofnas hadden moeten doorprikken.
Nina Henkens 20-03-2026
Straatintimidatie door militairen: veiligheid is geen zero-sum game
"Toen ik opnieuw op de fiets zat, was ik bang om in mijn rug geschoten te worden."
Koen Smets 18-03-2026
Waarom we sommige wetten naleven zonder dwang, maar andere niet
Wat vertelt het gebrek aan handhaving van het internationaal recht?
Koen Smets 10-03-2026
Wie de wanneer-vraag beantwoordt, wint aan overtuigingskracht
Eén simpele vraag legt de kracht van onze redenering bloot.
NewsDiff